1983-1989: Damien

Eigen haard is wel wat herrie waard

De voorstelling van de jeugdproductie De laatste fase op 30 december 1983 was het laatste wapenfeit van Theater VTV in het seizoen 1983-1984. Het (gedwongen) vertrek van lokaalhouder André Van Brandt eind november 1983 betekende niet enkel het begin van veel financiële kopzorgen voor de beheerraad van de Kristen Volksbond, het zorgde op artistiek vlak voor een black-out bij Theater VTV. André Van Brandt had in de voorafgaande seizoenen hetzij een (hoofd)rol gespeeld hetzij geregisseerd en vaak beide samen. Binnen het bestuur had hij gaandeweg ook de rol van een afwezige Paul Vandenhoeke als artistiek leider overgenomen.

Aan het begin van het seizoen 1984-1985 vervoegden Patrick Oufflin en Werner De Ruyck het bestuur. Er was toen 21.890 frank in kas. Op de openingsreceptie op 5 oktober 1984 was jeugdauteur en BRT-producer Gie Laenen de gastspreker.

Patroon gevonden

Damien Van Wambeke tekende in november 1984 met zijn jeugdkern voor de eerste productie van het nieuwe seizoen. Eigen haard is wel wat herrie waard was een vrolijke komedie met een ruime cast. Daarin debuteerden Peter Deriemaeker, Ann Van Coppenolle, Els Van Den Daele, Peter Vandenhoeke en Gunther Bauwens naast Gwen Dhondt, Pascal Baeke, Donaat Deriemaeker en Ingrid Van Den Daele. De affiche was van Glenn Elet, de souffleurs waren Bea Vandenhoucke en Patrick Oufflin. Voor de uitvoering van het decor werd alle hens aan dek geblazen voor meerdere bereidwillige handen. Gilles Vancoppenolle en Willy Cardon zorgden voor klank en licht. Trees Vandenhoeke grimeerde. (foto 1)

Om de eindejaarsperiode glans te geven en als eerbetoon aan Ernest Claes kreeg het publiek van de Volksbond ook nog een gastvoorstelling van De fanfare de Sint-Jansvrienden door toneelgroep Vonk uit Kwaremont op 29 december 1984.

Ondertussen was Werner De Ruyck met de volwassenen gestart met de voorbereiding van de tweede eigen productie: de Franse boulevardkomedie Ik ben er en ik blijf er, in april 1969 in een regie van Johan Debisschop al es opgevoerd bij VTV onder de titel Nenette. Daarvoor deed Werner een beroep op drie leden van de jeugdkern: Peter en Donaat Deriemaeker en Ann Van Coppenolle. Daarnaast debuteerden Lucien Dejonghe en Geert Desmytere naast Michou Vuylsteke, Bernadette Vanovertveldt en Gerd De Ruyck. Nieuw in de entourage was Jean-Marie Stockman die de leiding nam van de decorploeg. (foto 2)
Het was een gedenkwaardige productie. Niet alleen kreeg regisseur Werner De Ruyck onderweg naar de première op 15 maart 1985 een verkeersongeval, waardoor hij pas net ter elfder ure in de Volksbond geraakte, de souffleurs Patrick Oufflin en André Verschelden hadden bovendien veel werk om hoofdrolspeler kardinaal Lucien Dejonghe vanuit hun souffleerbak bij te staan. Maar het eindresultaat was positief: er kwamen, verdeeld over de drie voorstellingen, zo’n 600 mensen kijken, er was winst en er was een patroon gevonden: de jeugd in het najaar, de volwassenen in het voorjaar. Zo voldeed men vooral ook aan de voorwaarden die recht gaven op provinciale subsidies: twee avondvullende stukken brengen per seizoen.

Op de evaluatievergadering van het bestuur op 27 maart 1985 liet Christian Boulaert als groot pluspunt noteren: “De perfecte integratie van de jeugd in het volwassenentoneel. In de toekomst zou dit zeker moeten verdergezet worden.” Minpunt bleef het uitblijven van een grondige financiële afwikkeling van de producties die een heldere kijk op de financiën onmogelijk maakte. “Het probleem zit zelfs zo diep dat er nog mensen van twee, drie voorstellingen terug geld van verkochte kaarten moeten inleveren”, leest het verslag van 17 april 1985.
In het bestuur zaten op het einde van dat seizoen ook decorman Jean-Marie Stockman en verslaggever Peter Deriemaeker, die het na-feestje op 29 maart organiseerde samen met Damien Van Wambeke en Patrick Oufflin.

Jury

Een ander dringend punt op de bestuursvergaderingen van april en mei 1985 was de programmatie voor het volgende seizoen. Daarin moest VTV immers opnieuw voor de provinciale jury spelen als het aanspraak wou blijven maken op subsidies van de provincie. Met Greenwich was VTV in maart 1982 in derde categorie beland.

De jeugdkern van Damien Van Wambeke koos resoluut voor Het vrolijke tankstation, een pretentieloze komedie waar de regisseur enkele lokale accenten meende te kunnen aan toevoegen. Voor de volwassenen circuleerden de titels Knecht van 2 meesters en Gieren op ’t Veilig Nest en de naam van Johan Bral als regisseur. Het zou uiteindelijk Gieren op ’t Veilig Nest worden.

In afwachting van de seizoenstart werd de samenstelling van het bestuur opnieuw aangepast. Noël Crispyn moest worden vervangen als afgevaardigde van VTV in de beheerraad van de Kristen Volksbond. Het voorstel van Frans De Ruyck om Noëls mandaat met vier jaar te verlengen weigerde de betrokkene zelf “omdat hij doorheen de jaren ondervonden had dat hij in de beheerraad toch steeds tegen een muur stond te praten”. Terzelfdertijd wou Noël Crispyn stoppen als penningmeester van VTV. Zijn ontslag bij VTV werd aanvaard op voorwaarde dat hij tegen het begin van het seizoen een volledig overzicht zou voorleggen van de boekhouding. In beide functies werd hij opgevolgd door Peter Deriemaeker die om beroepsredenen echter al na 1 vergadering van de beheerraad diende af te haken en ook bij VTV snel verstek moest laten gaan om dezelfde reden. In de beheerraad werd Peter een jaar later, op 21 juni 1986, opgevolgd door Wim Van Coppenolle, die intussen ook zitting had gekregen in het VTV-bestuur waar Noël Crispyn penningmeester bleef.

Kris en Kras

De seizoenopener 86-87 vond plaats op 26 september 1985 met een demonstratie van poppenspel door Stefaan Ponette (foto 3). Voor Het vrolijke tankstation, gespeeld op 15, 16 en 17 november 1985, traden opnieuw enkele nieuwe namen aan. Beatrice Lassaux, Fabienne Pombreu, Terka Steurbaut en Koen Lauwereyns vormden de cast samen met Pascal Baeke, Donaat Deriemaeker, Ann Van Coppenolle, Gunther Bauwens, Gwen Dhondt, Geert Desmytere en Wim Van Coppenolle. Die laatste twee speelden de lokale landbouwers Kris en Kras die niet willen weten van een ring doorheen hun gronden en hun mening laten horen in het Ronsische dialect. De zaal ging drie keer overstag en de naam Tavi viel. Nog belangrijker: bij de decorploeg dook voor het eerst de naam op van Michel Bellinck. (foto 4)

Voor de regie van de tweede productie Gieren op ’t Veilig Nest werd een (financiële) regeling getroffen waarbij Werner De Ruyck de basis legde en Johan Bral de productie afwerkte. In de cast debuteerden op 15, 16, 22 en 23 maart 1986 Greet Backeland, Freddy Van Steendam en Fabian De Ruyck naast Bernadette Vanovertveldt, Katty Lesenne, Michou Vuylsteke, Wim Van Coppenolle en Geert Desmytere. Het trio Jean-Marie Stockman-Gilles Vancoppenolle-Michel Bellinck stond in voor de techniek en een fantastisch decor-met-ingebouwd-aquarium. Bij de souffleurs dook, naast de naam van André Verschelden, ook voor het eerst die van Luk Decock op. Ook Christine Decubber was nieuw bij de grime. De affiche van de hand van Marc Talier zorgde voor discussies binnen het bestuur waar ook Hilde De Ruyck, Gilles Vancoppenolle en Michel Bellinck intussen deel van uitmaakten. Het resultaat bij de jury viel een beetje tegen: opnieuw in derde categorie, er was stilletjes gehoopt op meer. Wat vooral tegenviel was de samenwerking met Johan Bral. Voor Freddy Van Steendam bleef het bij een eenmalige passage bij VTV, voor Michou Vuylsteke was het helaas de laatste keer dat ze op de scène kwam ondanks aandringen bij latere producties. (foto 5)

Financieel viel het seizoen 1985-1986 behoorlijk mee: Het vrolijke tankstation had 25.431 frank opgeleverd, Gieren op ’t Veilig Nest had 22.558 frank gekost. Er was op de afsluitende algemene vergadering 63.207 frank in kas, al betrof dat nog steeds een schatting “gezien het onoplosbare probleem van de afrekening van de kaarten.”

Intussen, in de Volksbond

Kon men bij VTV fris enthousiasme noteren dankzij de artistieke krijtlijnen die Damien Van Wambeke en Werner De Ruyck uittekenden, dan kreeg de beheerraad van de Kristen Volksbond het steeds moeilijker om de eindjes aan elkaar te knopen en de troepen samen te houden.

Op 10 november 1985 trok secretaris Marcel Debleecker aan de alarmbel middels een brief in eigen naam aan de bestuurders. Daarin schrijft hij onder meer: “De moeilijkheden in de Kristen Volksbond stapelen zich op en de malaise wortelt zich steeds dieper in!”. Hij deed daarom enkele voorstellen voor een betere werking en spoorde de beheerders aan te zoeken naar verjonging en vernieuwing.
Op de beheerraad van 14 november, 4 dagen later, was de bewuste brief een agendapunt “waarvan akte werd genomen en waarop men zeker zou terugkomen”. Op de beheerraad van 16 december liet voorzitter Elien Cardon weten dat de voorstellen van de secretaris “door het bestuur zouden worden uitgewerkt op korte termijn”. De algemene conclusie op de drempel van 1986 was: “We mogen niet teren op het verleden!”

Op de beheerraad van 27 januari 1986 stelde Marcel Debleecker vast dat er met zijn brief van 10 november nog niet veel was gebeurd, waarna voorzitter Elien Cardon op de beheerraad van 24 februari een somber beeld schetste van de toestand. “We zijn op het punt gekomen waar misschien moeilijke beslissingen dienen getroffen te worden. De zaak Van Brandt heeft bij manier van spreken de huidige onzekere omstandigheden ingeleid”, zo luidde het. Het probleem was, kort samengevat: “Er is geld te kort!”

Op 3 maart 1986 schreef Marcel Debleecker een tweede brief, dit keer om zijn ontslag in te dienen. Hij had vastgesteld “dat er niets was veranderd op 4 maanden tijd” en trok zijn conclusies naar aanleiding van een niet afgesproken prijsverhoging van de consumpties in het café. De beheerraad kwam samen, nam wat gas terug, stuurde voorzitter Elien Cardon uit om het geschil bij te leggen en de secretaris kwam terug “mits werk zou worden gemaakt van een betere taakverdeling om de malaise tegen te gaan”.

De goede intenties bleven overeind tot 20 oktober 1986 toen de beheerraad met amper 7 aanwezigen nog net wettelijk kon vergaderen. Bij het punt ‘Allerlei’ vervoegden enkele laatkomers, die andere vergaderingen voorrang hadden gegeven, de bijeenkomst waarop voor Marcel Debleecker de maat vol was. Op 25 oktober maakte hij zijn ontslag van 3 maart definitief: “Ieder toekomstgericht initiatief wordt gewoon weggewimpeld alhoewel iedereen ervan overtuigd is dat het zo niet verder kan”. In het verslag van de beheerraad van 17 november 1986, dat ondervoorzitter André Spileers maakte, staat daarover te lezen: “Het is onbegrijpelijk dat de secretaris zijn ontslag handhaaft.” Zoals Marcel Debleecker een jaar voordien had geschreven: de malaise wortelde zich steeds dieper in …

Bossemans en Coppenolle

Het seizoen 1986-1987 moest nochtans in feeststemming verlopen want Theater VTV én de Koninklijke Harmonie Sint-Cecilia van de Kristen Volksbond bestonden 75 jaar. Bij VTV was de sfeer alvast goed. Met een stuk door de jeugd in het najaar en een productie voor de volwassenen in het voorjaar was een werkvorm gevonden waar iedereen zich goed bij voelde. Damien Van Wambeke kon rekenen op een vaste – al dan niet jeugdige – spelerskern en ook wat decor en techniek betrof was er stabiliteit gekomen. De vraag bleef wie het stuk van de volwassenen kon dragen.

Op 19, 20 en 21 december 1986 opende VTV het feestseizoen met de komedie Zwart schaap, witte lammetjes. Het was het debuut bij VTV van Gunter Durant, Fabienne Van Den Daele en Katja Van Coppenolle en de terugkeer van Veerle Desmijtere. Daarnaast speelden opnieuw mee: Gwen Dhondt, Koen Lauwereyns, Terka Steurbaut, Gunther Bauwens, Greet Backeland, Donaat Deriemaeker en (een stemloze) Geert Desmytere. (foto’s 6 en 7)

Op 24 januari 1987 toonde VTV zich ook sportief van zijn beste kant. In de sporthal van het TID won het na een heroïsche finale tegen FC Kristen Volksbond het minivoetbaltoernooi van de Kristen Volksbond. ’s Avonds kreeg het team de beker overhandigd door Paul Van Himst. (foto 8)

Men bleef in voetbalstemming met het jubileumstuk rond 75 jaar VTV. Er was gekozen voor Bossemans en Coppenolle, het legendarische Brusselse stuk over de rivaliteit tussen Daring Molenbeek en Union Sint-Gillis. Een externe regisseur aantrekken was financieel niet haalbaar en Werner De Ruyck moest wegens beroepsredenen afhaken. De zoektocht binnen de eigen vereniging leidde Frans De Ruyck uiteindelijk naar Geert Desmytere, die de opdracht na een goed avondlijk gesprek aanvaardde.

De nieuwbakken regisseur sprak voor zijn cast alle VTV-generaties aan. Met Koen Lauwereyns, Donaat Deriemaeker, Ann Van Coppenolle en Greet Backeland nam hij de jongste generatie mee. Bernadette Vanovertveldt, Katty Lesenne, Gerd De Ruyck en Damien Van Wambeke hadden al een hoop VTV-jaren op de teller staan. Luk Decock en Moris De Witte vierden hun debuut op de planken van de Volksbond en Paul Vandenhoeke zijn comeback na zes jaar afwezigheid.
Bossemans en Coppenolle werd in een Ronsische context geplaatst met de eeuwige strijd tussen Club en Assa Ronse als aanleiding voor enkele hilarische liefdesverhalen. De affiche van Lut Roos onderstreepte dat nog ’s extra. Het promoteam dweilde maandenlang alle wedstrijden, supportersavonden en eetfestijnen af en werkte aan een expositie rond de twee (gewezen) lokale voetbalgrootheden. Met José Dreelinck van Assa en Maurice Bouchez van Club werd druk overlegd. Dat was ook nodig want niet iedereen was enthousiast over het concept. Supportersclub De Leeuwkes van Assa bijvoorbeeld zag “een samenwerking met zwarthemden van VTV” niet zitten. Na tussenkomst van Maurice Bouchez en José Dreelinck bedaarden de gemoederen en waren ook zij met supportersattributen present op de voorstellingen die in een uitbundige derbysfeer verliepen.
Daarvoor had het trio Jean-Marie Stockman-Michel Bellinck-Gilles Vancoppenolle ook de poort van de Volksbond omgetoverd in een doel, tot ontsteltenis van de beheerraad die daartoe geen toestemming had verleend. Voorzitter Frans De Ruyck vreesde ook voor een financiële ramp. Op de bestuursvergadering van 4 maart 1987 stelde hij dat niemand nog persoonlijke initiatieven mocht nemen zonder zijn toestemming omdat er te veel werd uitgegeven. Hoeveel dat te veel bedroeg was niet uit te maken vanwege het nog steeds ontbreken van een gedetailleerd financieel verslag.

Mei de giete vooruit

Op 24 maart werd in het decor van het stuk een persconferentie gehouden met delegaties van Club en Assa. Er volgden in de pers interviews met oudgedienden van de twee clubs, zoals de weduwe van Club-legende Omer Derniest die in de persoon van Paul Vandenhoeke een personage was geworden in het stuk. Omdat de kaartenverkoop liep als een trein, werd op de dag van de première in allerijl het al lang niet meer gebruikte balkon opgeruimd. (foto 9)
De opvoeringen van Bossemans en Coppenolle op 4, 5, 11 en 12 april 1987 werden een groot succes. Ronse liep storm voor deze volkse komedie die voor de Hermesstad geschreven leek. De muzikale inbreng van ’t Klakske was een absolute meerwaarde. De groep had zich sedert de jongste passage bij Kerstmisstroper in 1979 versterkt en bestond nu uit Christine Colpaert, Katrien Vanderkimpen, Gunter Durant, Dieter Limbourg, Jean-Paul Cardon, Jean-Pierre Vanstrijdonckt, Dany Limbourg, Erik Vanopbroecke, Bob Dhondt, Robert Vanderkimpen en Nicole Vlieghe. Frank Tomme en Dieter Limbourg hadden de muziekarrangementen geschreven. (foto 10, 11 en 12)
Bij het supporterslied Jeanetten, Jeanetten, mei de giete vooruit, dat Paul Vandenhoeke als Omer Derniest zong, leek de Volksbond eerder op een tribune in Park Lagache dan op een toneelzaal, rood-witte en blauw-witte vlaggen én de beroemde Jeanette van Club incluis. Als kers op de taart werd enkele weken na de laatste voorstelling de fusie tussen Club en Assa Ronse bekendgemaakt door burgemeester Orphale Crucke.

Er heerste lichte euforie bij VTV. 1800 toeschouwers, een positief financieel bilan ondanks de hoge uitgaven (winst: 85.000 frank), veel medewerking van de leden en de perfecte mix van jong en minder jong op de scène. Op een tussentijdse vergadering tussen de twee speelweekends door, op 8 april 1987, gaf voorzitter De Ruyck te kennen dat hij op dit hoogtepunt zijn functie wenste af te bouwen om erevoorzitter te worden.
Maar binnen VTV was, tijdens de maandenlang intense en brede samenwerking rond Bossemans en Coppenolle, een band gegroeid waar het merendeel van het bestuur geen deel van uitmaakte. De ambities van die zeer actieve groep lagen hoger en vooral: ze hadden uitsluitend te maken met theater. Het oordeel was dat VTV daarvoor dringend toe was aan een grondige hervorming.
De daaropvolgende bestuursvergaderingen op 22 april, 29 april en 6 mei verliepen in een ongemakkelijke sfeer. Er werd door de schaarse aanwezigen nagedacht over een nieuw bestuur dat vooral in de voetsporen zou moeten treden van het oude en over een etentje op de goede afloop van het voorbije seizoen op 12 september, 5 maanden na Bossemans en Coppenolle. Het stond voor nogal wat VTV’ers symbool voor de passiviteit van de leiding. Voorzitter De Ruyck wou vooral de officiële viering 75 jaar VTV in goede banen leiden en voelde de bui hangen.

Die viering 75 jaar VTV en Harmonie vond plaats op 23 mei 1987 met een ontvangst op het stadhuis, een eucharistie en een receptie. Daarop ontbrak een groot deel van de VTV-leden, waaronder nogal wat spelers en medewerkers van Bossemans en Coppenolle. Die hadden inderdaad beslist om de viering niet bij te wonen maar hun grieven op tafel te gooien op de eerstvolgende algemene ledenvergadering, die van 12 juni 1987. In afwachting had de groep, onder aanvoering van Geert Desmytere en Moris De Witte, zelf een dissident etentje georganiseerd in Domein Sint-Hubert waar 50 VTV-leden nog es meebrulden “mei de giete vooruit” …

Na een lange discussie

De algemene vergadering van vrijdag 12 juni 1987, aan het begin van het Fiertelweekend, kon rekenen op veel belangstelling en verliep in een gespannen sfeer. Het verslag meldt dat “na een lange discussie overeenstemming werd bereikt over een 3-ledige structuur”. Die lange discussie werd gevoerd door voorzitter Frans De Ruyck, die zich verraden voelde door de afwezigheid van veel VTV’ers op de viering 75 jaar VTV op 23 mei. Hij deelde ook mee dat hij voorzitter van VTV wou blijven om de continuïteit te waarborgen, zeker naar de Volksbond toe. Het wederwoord kwam van Geert Desmytere die verwees naar het totaal gebrek aan financiële transparantie bij VTV én de Volksbond, het ontbreken van een artistieke visie en de afwezigheid van het bestuur op het terrein zelf, waardoor men afhankelijk was van individuele initiatieven die meestal nog werden bekritiseerd ook.

De vergadering werd tweemaal geschorst om stoom af te blazen en de emoties onder controle te houden. Uiteindelijk deed Moris De Witte na de tweede break een voorstel om bij wijze van overgang nog twee jaar onder het voorzitterschap van Frans De Ruyck te werken met een drieledige structuur en in 1989 bestuursverkiezingen te houden.
Die drieledige structuur omvatte de blokken Techniek & Decor, Administratie & PR, Regie & Artistiek beleid. Naast voorzitter Frans De Ruyck werden in het overkoepelende bestuur verkozen: secretaris Patrick Oufflin, penningmeester Noël Crispyn, afgevaardigde VTV in de beheerraad van de Volksbond Wim Van Coppenolle, PR-verantwoordelijken Luk Decock en Marc De Venter en contactpersoon met de provincie Gilbert Cardon, die ook de titel van erevoorzitter kreeg. In de Regieploeg zaten Werner De Ruyck, Wim Van Coppenolle, Geert Desmytere, Paul Vandenhoeke, Moris De Witte en Damien Van Wambeke. Het blok Techniek & Decor werd geleid door Gilles Vancoppenolle, Michel Bellinck en Jean-Marie Stockman.
Er werd ook beslist dat er elke eerste vrijdag van de maand een bestuursvergadering zou plaatsvinden waarop de bestuursleden moesten aanwezig zijn en één lid per deelgroep. Ieder lid was er altijd welkom.

Het compromis was bereikt, VTV kon weer vooruitkijken, de herrie was niet zonder resultaat gebleven. De vergadering zou later cruciaal blijken voor de verdere werking van VTV in de vele jaren die volgden. Voortaan kreeg elke productie een artistieke coördinator die de regisseur moest bijstaan voor de praktische afspraken. Alle communicatie, van persconferenties tot programmaboekjes, gebeurde onder de vleugels van de PR-verantwoordelijken Luk Decock en Marc De Venter.

De overgangsjaren-deel 1

Het opnieuw eensgezinde VTV startte het nieuwe seizoen 1987-1988 met een openingsweekend op 10 en 11 oktober 1987. Voordien was er op 12 september al het lang geplande etentje geweest in de kelderzaal van de Volksbond. Dat had geleid tot het ontslag van secretaris Patrick Oufflin vanwege organisatorische misverstanden. Koen Lauwereyns volgde hem op als notulist/verslaggever, Patrick zelf bleef actief als lid.

Het eerste luik van het startweekend, op zaterdag 10 oktober, betrof een openingsreceptie met een wagenspel door de toneelgroep uit Parike. Het tweede luik, daags nadien, was een druk bijgewoonde en zeer gewaardeerde gastvoorstelling door het Reizend Volkstheater van Lili en Marleen, jaren later een succesvolle serie op VTM. (foto 13).

Zelf bracht de inmiddels volwassen geworden jeugdkern op 25, 26 en 27 december 1987 de komedie Een meisje om te stelen van Jack Popplewell in een regie van Damien Van Wambeke. De cast bestond uit Gunter Bauwens, Koen Lauwereyns, Greet Backeland, Wim Van Coppenolle, Ann Van Coppenolle, Geert Desmytere, Donaat Deriemaeker en Terka Steurbaut. Op kerstavond, daags voor de première, werd Damien Van Wambeke door de politie gesommeerd om illegaal aangebrachte affiches op enkele stedelijk vuilnisbakken weg te halen, het resultaat van een al te enthousiaste PR-campagne. Na de laatste voorstelling trok de cast richting Hoge Venen (en Monschau) voor enkele memorabele afkickdagen. Het was meteen ook het einde van de jeugdwerking zoals die 7 jaar eerder was ontstaan. Damien Van Wambeke wou er zelf even de riem afleggen als regisseur en de jeugd was groot geworden … (foto 14)

Intussen waren de repetities gestart voor Hobsons Dochters dat op 16, 17, 23 en 24 april 1988 op de agenda stond. Regisseur Geert Desmytere kon rekenen op Werner De Ruyck, Moris De Witte, Koen Lauwereyns, Katja Van Coppenolle, Greet Backeland, Wim Van Coppenolle, Ingrid Van Den Daele, Ann Van Coppenolle, Paul Vandenhoeke en de debutanten Lutgart Besard en Ward Sadones. Het decor werd gemaakt met de medewerking van kunstschilder Adi Steurbaut. De decorploeg werd inmiddels ook versterkt door Bart Ingels en Adi Peyskens maar kon niet meer rekenen op Jean-Marie Stockman. Bij de techniek was Toon Dierckx actief, dat allemaal onder de leiding van het onvermoeibare duo Michel Bellinck-Gilles Vancoppenolle. De artistieke coördinatie was in handen van Lieve Colpaert. Donaat Deriemaeker en Wim Ingels souffleerden, Patrick Oufflin was de rekwisiteur.
Bij Hobsons Dochters hoorde ook livemuziek, origineel een trio met piano, contrabas en viool. In de versie van VTV werd dat piano, contrabas en saxofoon. Het onuitgegeven gezelschap dat daarvoor samen werd gebracht onder de vleugels van Paul Carteus bestond uit Luc Delcoigne (28 jaar), Dieter Limbourg (17 jaar) en de onverslijtbare Maurice Flamant (88 jaar!), de dirigent uit de tijd van de operettes in de jaren ‘50 en de Tavi-revues in de jaren ‘30. De weduwe van de componist, Frank Coene was de ere-gaste op de première. (foto 15, 16 en 17).
Net voor die première moest VTV echter afscheid nemen van een andere grote naam uit haar geschiedenis: erevoorzitter Gilbert Cardon maakte de première van Hobsons Dochters niet meer mee. Zijn nauwgezet bijgehouden VTV-archief zou van onschatbare waarde blijken, tot op vandaag.

De overgangsjaren – deel 2

In het najaar 1988 liepen veel zaken fout bij VTV, ondanks de uitgebreide maandelijkse vergaderingen. Dat had te maken met praktische afspraken binnen de Volksbond en een tanende betrokkenheid van de leden na de euforie van Bossemans en Coppenolle.

De beheerraad van de Volksbond had het op zich al niet makkelijk en daar kwam op 25 september 1988 het plotse overlijden bij van voorzitter-penningmeester Elien Cardon. Naast het persoonlijke verdriet, was de dood van Elien ook een organisatorische ramp voor de Volksbond. Ondervoorzitter André Spileers werd eventjes voorzitter ad interim, maar uiteindelijk nam Daniël Vandenhoucke de leiding over. In de overgangsperiode deed iedereen zo’n beetje waar ie zin in had. Zo vond de openingsreceptie van VTV plaats op 15 oktober, dezelfde dag als die waarop de Harmonie een brasserieconcert had voorzien in de toneelzaal. VTV kroop dan maar in de (overvolle) kelderzaal waar Donaat Deriemaeker en Koen Lauwereyns TV-presentator Herman Van Molle interviewden. (foto 18)

Problemen waren er ook met de speeldata van de eerste productie De Leraarskamer. Vanwege andere boekingen moest de première zeer uitzonderlijk plaatsvinden op een zondagavond (13 november 1988) en werd het weekend daarop drie keer op rij gespeeld: op 18, 19 en 20 november. Op zondag 20 november kregen spelers én toeschouwers er bovendien vanop straat een serenade door de Harmonie bovenop naar aanleiding van het feest van Sint-Cecilia. Niet verwonderlijk dat een deurklink van de leraarskamer het begaf zodat geen speler nog in of uit het decor kon. Gelukkig maakte een handige Harry als Frans De Rodder deel uit van de cast en werd het euvel tussen twee replieken hersteld. Naast Frans (terug van weggeweest bij VTV) zaten in de cast ook Koen Lauwereyns en voorts enkel debutanten: Paul Carteus, Wim Ingels, Françoise Dejaegher en Michèle Van Meerhaege, geassisteerd door een kinderkoor. De regisseur was Geert Desmytere, Donaat Deriemaeker assisteerde en Ann Van Coppenolle en Greta Desmytere souffleerden. (foto 19 en 20)

Het geknoei met de datums ging intussen onverminderd verder. Op 22 december was er in de toneelzaal een gastvoorstelling door het Reizend Volkstheater van Een vreemd koppel, de vrouwenversie. Daags voordien mochten de KBG-senioren er van het Volksbondbestuur niettemin hun kerstfeest houden, ook al was daarover geen communicatie gebeurd. Eén en ander leidde tot het ontslag van Koen Lauwereyns als notulist onder het motto: waarom moeten we verslagen hebben van vergaderingen waarvan de afspraken toch niet worden opgevolgd? Werner De Ruyck en Geert Desmytere namen de taak over op weg naar de tweede seizoenproductie Het lijk is zoek in een regie van Luc Provost, wereldberoemd in Oudenaarde waar hij het jongerentoneel Litoziekla had opgericht.
De cast van Het lijk is zoek bestond uit Katty Lesenne, Ann Van Coppenolle, Françoise Dejaegher, Greet Backeland, Geert Desmytere, Donaat Deriemaeker, Paul Vandenhoeke, Wim Van Coppenolle en debutant Toon Dierckx. Voor de persfoto’s trok het gezelschap naar Villa Nitterveld in het Muziekbos. Het decor op de scène bestond onder meer uit een monumentale trap die Michel Bellinck veel kopbrekens maar ook veel voldoening schonk. De decorploeg bestond verder uit Bart Ingels, Adi Peyskens en voor het eerst Roland Van Coppenolle. Gilles Vancoppenolle zag zijn compagnon Toon Dierckx liever naast zich aan de knoppen dan vooraan op het podium. Koen Lauwereyns en Katja Van Coppenolle souffleerden, Patrick Oufflin en Greta Desmytere sleepten de rekwisieten aan. Werner De Ruyck was de artistieke coördinator.
Een groot deel van de leden werd in dezelfde periode ingeschakeld bij de opnames van De Schietspoeldynastie van Stef Vancaeneghem voor de BRT-reeks ‘Made in Vlaanderen’. Op 8 april 1989 bijvoorbeeld liepen 25 leden een keer of twintig het traject van Rozenaken naar het Sint-Hermeshof. 8 april was ook de dag van de première van Het lijk is zoek dat ook nog werd gespeeld op 9 en 15 april. (foto 21)

Verkiezingen

Op 12 mei 1989 werden zoals twee jaar eerder afgesproken bestuursverkiezingen georganiseerd. De opkomst van de leden was groot. Voorzitter van de Kristen Volksbond Daniël Vandenhoucke was verontschuldigd maar had een brief gestuurd waarin hij zijn hoop uitsprak dat de verkiezingen in alle sereniteit zouden verlopen en het nieuwe bestuur zou meewerken aan de verdere uitbouw van de Kristen Volksbond.

Frans De Ruyck, die in zijn afscheidsrede opriep om steeds te blijven praten, was geen kandidaat meer voor het voorzitterschap. Damien Van Wambeke en Moris De Witte hadden wel hun kandidatuur ingediend. Voor het penningmeesterschap boden Noël Crispyn en Patrick Oufflin zich aan. Moris en Patrick werden uiteindelijk verkozen. Voor de functies van secretaris, de 2 PR-verantwoordelijken en een afgevaardigde Kristen Volksbond was er telkens maar één kandidaat. Paul Carteus, Luk Decock, Geert Desmytere en Donaat Deriemaeker vulden die met algemene instemming van de vergadering in. Ook Wim Van Coppenolle, lid van de beheerraad van de Kristen Volksbond, maakte deel uit van het bestuur.
De nieuwe voorzitter dankte Frans en Noël voor hun vele jaren van inzet en riep op om te werken in een sfeer van openheid en dialoog en beloofde werk te maken van statuten. Naast de inmiddels gebruikelijke maandvergaderingen, kwamen er ook aparte bestuursvergaderingen en zou ook de dynamiek van de regieploeg worden bevorderd. Op voorstel van Patrick Oufflin werd Frans De Ruyck tot erevoorzitter van Theater VTV benoemd.
Theater VTV was klaar voor een nieuw hoofdstuk. Op 27 mei 1989 werden de verdienstelijke leden van de Kristen Volksbond op het stadhuis ontvangen. Daaronder erevoorzitter Frans De Ruyck. (foto 22 en 23)

Wat voorafging:

1912-1941: van de ene oorlog naar de andere
1941-1944: het Stadstooneel
1944-1956: Georges Demedts en Marc Depoortere
1956-1965: Roberte en Marc Depoortere
1965-1971: de zoektocht
1971-1975: de plaats van VTV in de Volksbond​
1975-1977: De breuk
1977-1980: altijd zonneschijn
1980-1983: de laatste fase?

Hoe ging het verder:

1989-1991: Kortsluiting
1991-1993: schudden en beven

Heb je al tickets voor de toekomst? 

Maak kennis met onze volgende producties. 

Copyright 2020 Theater VTV Ronse | Privacy | Zonnestraat 27 | 9600 Ronse | info@theatervtv.be